UWV start dit najaar met uitkeren vergoeding gedupeerden WIA
Minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft de vergoedingsregeling voor gedupeerden van fouten in de WIA vastgesteld en ondertekend. De regeling gaat per 1 september van start. UWV kan daardoor dit najaar beginnen met uitkeren. Mensen met een te laag vastgestelde WIA-uitkering ontvangen eenmalig een nabetaling die buiten het belastbaar inkomen valt. Het kabinet ziet af van compensatie voor werkgevers.
Dit zijn de voornaamste conclusies die te trekken zijn uit de Tijdelijke regeling eenmalige vergoeding correctie dagloon WIA, een bijbehorend nieuwsbericht en de bijlage bij een Kamerbrief over de materie. De opzet van de vergoeding zorgt ervoor dat deze niet meetelt voor het belastbaar inkomen. Dit voorkomt nadelige gevolgen voor het recht op tegemoetkomingen zoals zorg- en huurtoeslag. Voor vaststelling van het recht op vergoeding berekent UWV de uitkering opnieuw. Blijkt hieruit dat het bedrag te hoog was, dan volgt er geen terugvordering. Wel gaat bij toekomstige uitbetaling van lopende WIA-uitkeringen na 2 maanden het juiste, verlaagde bedrag gelden. Een te lage uitkering gaat onmiddellijk omhoog naar het juiste bedrag.
3 groepen komen in aanmerking
Verschillende groepen die zijn geraakt door fouten bij de WIA-uitkering komen voor de regeling in aanmerking. Zij hoeven zelf geen contact op te nemen met UWV, maar krijgen bericht na controle van het dagloon. De gedupeerden die een vergoeding kunnen verwachten zijn:
De regeling corrigeert niet álle gevolgen
In 2024 besprak het RSC de problemen en de mogelijke gevolgen in een kennispaper Onzekerheid over WIA-uitkeringen en WIA-beoordelingen en een Overzicht van gevolgen en werkingsprincipes bij WIA-fouten. De tijdelijke regeling corrigeert niet alle hierin gesignaleerde gevolgen van incorrect vastgestelde WIA-uitkeringen. UWV herstelt de rekenkundige fouten en op juridisch niet houdbare wijze berekende WIA-daglonen. Het voert echter geen herbeoordelingen uit bij WIA-beoordelingen die sociaal-medisch onjuist of onvoldoende zijn onderbouwd. Verder heeft het kabinet ervoor gekozen niet alle gevolgen voor werkgevers te corrigeren. Bij pensioenuitvoerders en verzekeraars is de verwachting dat zij hun uitkeringen aan werknemers in verreweg de meeste gevallen alleen naar de toekomst hoeven te corrigeren.
Vergoeding heeft geen effect op WGA-schadelast
UWV-informatie voor werkgevers maakt duidelijk dat de vergoeding niet onder de verplichtingen van WGA-eigenrisicodragers valt en bij publieke verzekering geen effect heeft op de Whk-premie. De uitvoeringsinstantie zegt hierbij niets over compensatie voor werkgevers die in het verleden door een UWV-fout te hoge uitkeringen (eigenrisicodragers) of premies (publiek verzekerde werkgevers) hebben betaald. Omdat UWV daglonen en uitkeringen alleen naar de toekomst corrigeert, ontvangen werkgevers langs deze weg in elk geval geen compensatie voor benadeling in het verleden. De toelichting bij de tijdelijke regeling maakt duidelijk dat het kabinet zulke schade niet vergoedt. De redenering hierbij is dat werkgevers van de tijdelijke regeling meer financieel voordeel dan nadeel ondervinden.
Meer voordeel dan nadeel, dus geen compensatie voor werkgevers
In de toelichting bij de tijdelijke regeling (p. 26) redeneert het kabinet als volgt:
Het kabinet besluit met de mededeling dat het er expliciet voor kiest werkgevers geen vergoedingen toe te kennen op grond van de tijdelijke regeling.
Meestal geen nabetaling bij verzekering of pensioen
De oplossing waar het kabinet bij werkgevers voor kiest, brengt met zich mee dat ook WGA ERD verzekeraars alleen naar de toekomst hoeven te corrigeren. Bij WIA-aanvullingsverzekeraars en pensioenuitvoerders gaat het kabinet er vanuit dat de vergoedingsregeling voor de meeste werknemers financieel de best mogelijke oplossing is. Om die reden kan een nabetaling door de verzekeraar of pensioenuitvoerder naar verwachting in vrijwel alle gevallen achterwege blijven. Wel kan een werknemer altijd alsnog voor deze optie kiezen, als die voor hem toch gunstiger blijkt te zijn. Beide dienstverleners kunnen cliënten bij twijfel doorverwijzen naar een onafhankelijke, door UWV aangeboden financieel adviseur. Deze helpt werknemers bij de keuze.
Meer weten?