Kabinet zet 2 wetsvoorstellen rond re-integratie door
Het kabinet van D66, VVD en CDA zet 2 wetsvoorstellen rond re-integratie door die onder de vorige coalitie al in voorbereiding waren. Dit blijkt uit berichtgeving van de Rijksoverheid. Het betreft een voorstel om het advies van de bedrijfsarts leidend te maken en een plan om re-integratie vanaf het tweede ziektejaar onder voorwaarden uitsluitend op het tweede spoor te richten. Beide voorstellen hebben tot doel werkgevers meer zekerheid te bieden.
Het plan voor het leidend maken van het advies van de bedrijfsarts bij de RIV-toets gaat allereerst voor advies naar de Raad van State. Het voorstel om in het tweede ziektejaar onder voorwaarden uitsluitend op het tweede spoor te focussen heeft die route al onder het vorige kabinet afgelegd. Dit voorstel heeft het kabinet ondanks forse kritiek van het adviesorgaan grotendeels ongewijzigd naar de Tweede Kamer gezonden. Volgens de berichtgeving van de overheid werkt de regering aan nog meer voorstellen om de periode van loondoorbetaling bij ziekte voor werkgevers beter werk- en uitvoerbaar te maken.
Voorstel over advies van bedrijfsarts gaat naar Raad van State
Met het voorstel het advies van de bedrijfsarts leidend te maken bij de beoordeling van re-integratie-inspanningen wil het kabinet een bekend knelpunt voor werkgevers wegnemen. Nu kan UWV nog een loonsanctie opleggen als de verzekeringsarts de belastbaarheid van een zieke werknemer anders beoordeelt dan de bedrijfsarts. Als het advies van de bedrijfsarts leidend is, komt deze mogelijkheid te vervallen. Bijkomend voordeel is volgens de regering dat verzekeringsartsen zo volledig kunnen focussen op het beoordelen van het recht op een WIA-uitkering. Het RSC heeft geadviseerd om bij twijfel over de belastbaarheid van een werknemer al veel eerder overleg tussen bedrijfs- en verzekeringsarts voor te schrijven. Zo ontstaat constructief en op re-integratie gericht overleg tussen artsen waar het kabinetsvoorstel niet in voorziet.
Kabinet legt kritiek op plan re-integratieplichten grotendeels terzijde
Bij het voorstel om re-integratie na een jaar ziekte onder voorwaarden volledig op het tweede spoor te richten adviseerde de Raad van State in 2025 een fundamentele heroverweging. Het adviesorgaan betwijfelde of het plan de knelpunten in de praktijk werkelijk zou aanpakken. Ook voorzag het meer druk op trajecten, minder kans op re-integratie en grote uitvoeringsgevolgen voor UWV. Een vergelijking maakt duidelijk dat het voorstel sindsdien slechts in beperkte mate is gewijzigd (zie kader). In reactie op de meest fundamentele kritiek heeft het kabinet alleen een uitgebreidere motivering opgenomen in de Memorie van toelichting en een nader rapport. Daarnaast zijn diverse wijzigingen van meer technische aard doorgevoerd. Binnen de Tweede Kamer lijkt twijfel te bestaan of dit voldoende is. De tijdelijke commissie Grondrechten en constitutionele toetsing besloot in april tot een adviestraject. Dit moet leiden tot een openbaar advies aan de vaste commissie SZW.
| Voorstel re-integratieverplichtingen tweede ziektejaar: alleen wijzigingen op details
|
||
| Gewijzigd onderwerp | Voor advies voorgelegd aan Raad van State (2025) | Ingediend bij Tweede Kamer (2026) |
| Juridische grondslag definitie kleine of middelgrote werkgever | Nieuw artikel 7:658aa lid 4 BW verwijst naar artikel 36, tweede lid, Wet financiering sociale verzekeringen. | Nieuw artikel 7:658aa lid 4 BW verwijst nu naar artikel 38, eerste lid, Wet financiering sociale verzekeringen. |
| Bepalingen WW en Ziektewet over benadelingshandeling | Verwijzing naar artikel 7:658aa lid 1, onderdeel b BW voor schriftelijke instemming werknemer. | Verwijzing naar artikel 7:658aa lid 1 onderdeel a BW, omdat onderdeel b de UWV-toestemming betreft. |
| Memorie van toelichting en nader rapport: samenloop juridische procedures re-integratie en ontslag | Geen aandacht voor deze mogelijkheid. | Een procedure bij de rechter tegen de beslissing van UWV over afsluiting van het eerste spoor kan tot gevolg hebben dat UWV een ontslagaanvraag gedurende de procedure niet in behandeling neemt. |
| Memorie van toelichting en nader rapport: verhouding eerste en tweede spoor | Motivatie van de keuze om beëindiging eerste spoor onder voorwaarden mogelijk te maken voor kleine en middelgrote werkgevers. | Uitgebreidere motivatie waarom kabinet de maatregel nodig vindt, met nadruk op een breder pakket afspraken met de sociale partners. |
| Memorie van toelichting en nader rapport: positie werknemer | Beperkte expliciete aandacht voor bescherming van werknemer tegen druk van werkgever. | Uitgebreidere toelichting dat werknemer niet verplicht is in te stemmen en dat UWV streng toetst wanneer overeenstemming ontbreekt. |
Meer weten?