Tegemoetkoming loonkosten NOW

De Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud (NOW) is bedoeld om werkgevers te compenseren voor hun doorlopende loonkosten nu ze zich geconfronteerd zien met een forse omzetdaling door de Corona-maatregelen. Het doel is zoveel mogelijk banen te behouden. Bedrijven die aan de regeling voldoen, kunnen binnen twee tot vier weken een voorschot verwachten.

Ten minste 20% omzetverlies
Voor een beroep op de regeling moet sprake zijn van een (verwachte) omzetdaling van minstens 20% over een aaneengesloten periode van 3 maanden. En die daling moet verband houden met de corona-uitbraak en/of -maatregelen.

De maximale tegemoetkoming is 90% van de loonsom over de periode maart tot en met mei 2020. Iedereen voor wie loonaangifte wordt gedaan en verzekerd is voor de WW, ZW of WIA, valt onder de loonsom waarvoor subsidie ontvangen kan worden. Ook het salaris van flexwerkers wordt gecompenseerd, er is geen onderscheid naar contractvorm. Voor een beroep op de NOW geldt als voorwaarde dat het loon voor 100% wordt doorbetaald.

Bepaling van de loonsom
Voor het bepalen van de loonsom gebruikt het UWV de gegevens van de loonaangifte die bij de Belastingdienst bekend zijn. Die worden automatisch overgenomen. De basis bestaat uit het socialeverzekeringsloon, daar wordt dan een opslag van 30 procent aan toegevoegd voor werkgeverslasten zoals de opbouw van vakantiegeld, pensioen en werkgeverspremies.

In principe gebruikt het UWV de loonsom zoals die in januari bekend was bij de Belastingdienst. Als die er niet is, kijkt het UWV naar november 2019. Wijzigingen in de loonaangifte die na 15 maart zijn doorgegeven worden niet meegenomen in deze regeling.

Er zit een maximum aan het loon per werknemer van 9538 euro per maand. Wie een hoger salaris heeft dan 9538 euro krijgt maximaal tot aan dat bedrag gecompenseerd, daarboven niet. Dat zal voor weinig mensen gelden, verwacht het kabinet: ruim 98,5 procent van de werkenden valt onder dat maximum.

Subsidie afhankelijk van de omzetdaling
De subsidie wordt gerelateerd aan de omzetdaling. Bij een omzetdaling van 100% is de tegemoetkoming 90% van de loonsom. Is de omzetdaling lager, dan wordt de subsidie evenredig lager.

De omzetdaling van minimaal 20% moet zich voordoen over een driemaandsperiode waarvan de startdatum valt op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. De omzet in deze  meetperiode wordt vergeleken met de omzet van januari tot en met december 2019, gedeeld door vier. Als een werkgever op 1 januari 2019 nog niet bestond, geldt een afwijkende omzetbepaling.

Voor bedrijven die de omzetdaling pas in latere maanden terugzien is het mogelijk om een latere periode aan te geven voor de omzetvergelijking.

Als een bedrijf aan alle voorwaarden voldoet, keert het UWV een voorschot van 80% uit. Dat gebeurt in drie termijnen. Het eerste deel wordt binnen twee tot vier weken na indiening van de aanvraag ingediend.

Op casemanagertool.nl is gratis een NOW-tool beschikbaar, waarmee uit te rekenen is of een werkgever in aanmerking komt voor subsidie.

Binnen 24 weken na afloop van de periode waarvoor een bedrijf NOW heeft ontvangen, moet de subsidie nog eens vastgesteld worden. Daarvoor is een accountantsverklaring nodig. Binnen 22 weken zal er dan een eindafrekening worden opgesteld.

Geen ontslag om bedrijfseconomische redenen
Bij de aanvraag committeert de werkgever zich aan de verplichting géén ontslag op bedrijfseconomische redenen aan te vragen. Wordt toch ontslag wordt aangevraagd, dan wordt bij de vaststelling van de subsidie een correctie doorgevoerd. De loonsom waarover subsidie wordt verstrekt, wordt dan verlaagd met 1,5 keer het loon van de ontslagen werknemer. De rekenmethode is op 3 april aangepast: stcrt-2020-20561 aanpassing NOW.

Overigens neemt UWV ontslagaanvragen om bedrijfseconomische redenen wel in behandeling. De werkgever moet aannemelijk maken dat het ontslag noodzakelijk is als gevolg van bedrijfseconomische omstandigheden en dat er geen voor de hand liggende andere oplossingen zijn. Voor ontslagaanvragen die zijn ingediend op of na 2 april 2020 geldt dat de werkgever aannemelijk zal moeten maken dat de NOW-subsidie in zijn geval geen voor de hand liggende andere oplossing is.

Er moet wel ruimte zijn voor de werkgever om dergelijke beslissingen te kunnen nemen. Bij de toetsing van die beslissing betracht UWV dus terughoudendheid. Er is sprake van een zogenoemde marginale toets. Voor ontslagaanvragen die zijn ingediend voor 2 april 2020 zal UWV bij de toetsing van de ontslagaanvraag geen rekening houden met de regeling. Wel geldt dat ontslagaanvragen die zijn ingediend van 18 maart tot en met 1 april 2020 en niet of niet tijdig zijn ingetrokken, gevolgen hebben voor de hoogte van de subsidie.

Nieuwe regeling in de maak
De NOW-regeling zal vanaf 1 juni worden verlengd. Waarschijnlijk gaat die regeling er anders uitzien dan de huidige regeling. Over de precieze voorwaarden wordt nog gesproken. Het ziet ernaar uit dat het verbod op ontslag zal vervallen. Het liefst zou het kabinet omscholing als harde voorwaarde willen hanteren, maar dat stuit vooralsnog op uitvoeringsproblemen.