Blog: Bonanza in het Arbo Wilde Westen

De iets oudere lezers kennen de TV-serie Bonanza van vroeger vast nog wel. Voor de jeugd: Bonanza was een uiterst populaire, zoetsappige western die draaide van 1959 t/m 1973, met onder meer de goedzak Big Hoss in een van de hoofdrollen. Als je het leuk vond in die tijd naar de Duitse afleveringen te kijken, dan waren de teksten soms tenenkrommend nagels-over-het-schoolbord: “Mach mal, seihe ein Mann und ziehe deine Kanone Junge…”

Op dit moment heerst er ook een soort Bonanza in het Arbo Wilde Westen: de BIG-geregistreerde praktijkondersteuner die de bedrijfsarts uit zijn lijden van veel te veel werk verlost. De fysiotherapeut die het bewegingsapparaat voor z’n rekening neemt en de psycholoog die zich als toegewijd professional ontfermt over het ziele-roerselenverzuim. “Und davon gibt es heute ganz viel, zum Beispiel ein BrennAus durch die Arbeit. Was denn sonst Junge…”

Nieuwe wind in Arbo-land

Alle Bonanza-gekheid op een stokje, ik heb er in het verleden al veel over geschreven en nogmaals, ik begrijp het verdienmodel heel goed en er waait een nieuwe wind door arbo-land. Een nieuwe visie op basis van nieuwe inzichten: het is verdedigbaar geworden om een arbo-verpleegkundige of een fysiotherapeut of een andere BIG-geregistreerde professional als praktijkondersteuner op bijna bedrijfsartstarieven weg te schrijven. Om de overbelaste bedrijfsartsen te ontlasten doen ze immers als het ware hun werk, staan de werknemers sneller te woord, het medisch geheim wordt door de BIG-registratie beschermd en de wachttijden zijn korter. En voor al deze voordelen mag je uiteraard een volwassen prijs rekenen. Klinkt super logisch en dat is het totaal niet.

Ik zal een voorbeeld geven. In deze Corona-tijden zijn er perioden geweest dat mensen hun beurt bij de kapper 1 of 2 keer hebben overgeslagen. Het haar werd langer, het model groeide richting jaren 60, dus uiteindelijk was er geen ontkomen aan en er werd een afspraak gemaakt. Waar? Bij de kapper uiteraard, want daar ga je heen wanneer je haar te lang en uit model is. En niet naar een tandarts of een osteopaat.

Waarom toch altijd een medische benadering?

Zie de uit-model-en-te-lang-coupjes maar als verzuim: wanneer de oorzaak voor de verzuimmelding  niet medisch is, waarom moet het dan koste wat het kost medisch worden benaderd? Zou het kunnen zijn dat de reden is dat de BIG-geregistreerde praktijkondersteuner de arbodienstverlener per uur meer oplevert?

Het is een historisch gegeven dat meer dan 70% van het verzuim in Nederland niet medisch is en ik durf de stelling wel aan dat het mede door de Corona-tijden straks meer dan 80% blijkt te zijn. Het medisch benaderen van niet-medisch verzuim biedt geen vanzelfsprekende voordelen, maar zal eerder een nadeel blijken te zijn. Zo wordt meer op symptoombestrijding ingezet dan dat de oorzaken worden aangepakt. Zie het als eenzelfde lijn die Machteld Huber ook al jaren in de zorg signaleert: het verdienmodel van de symptoombestrijding is belangrijker dan een adequate aanpak van de oorzaken.

Een praktijkondersteuner mag helemaal niet zoveel

Het veel gebruikte argument dat de praktijkondersteuner vanwege het medisch dossier moet worden ingevlogen snijdt geen hout. De praktijkondersteuner heeft namelijk geen enkele bevoegdheid om een diagnose te stellen en mag geen enkele uitspraak doen of een werknemer door ziekte en/of gebrek wel of niet arbeidsongeschikt is. Ook hebben zij geen bevoegdheid om zelfstandig en autonoom op basis van het medisch dossier dienstverlening (interventies) in te zetten en mogen zij geen ondersteunende professionals contracteren die in taakdelegatie bepaalde vooraf gedefinieerde taken uitvoeren.

Voor geen enkele van deze activiteiten heeft een praktijkondersteuner de bevoegdheid, omdat al deze en andere taken expliciet zijn voorbehouden aan de bedrijfsarts. En dus zeker niet aan een op eigen houtje opererende, al dan niet BIG-geregistreerde praktijkondersteuner. Het staat de bedrijfsarts vrij om een speciaal hiervoor opgeleide professional te contracteren. En het is zeer wel denkbaar dat dit juist geen BIG-geregistreerde professional is, omdat daarmee het risico van ongevraagde medische bemoeienis aanmerkelijk kleiner zal zijn!

Voorstanders hoor ik onder meer argumenten aandragen dat het model van de praktijkondersteuner bij de huisartspraktijken ook heel goed werkt. Dat zou kunnen, alleen kun je een arbodienst en een huisartsenpraktijk natuurlijk niet hetzelfde soort dienstverlener noemen. Ook is de geldstroom en het dienstenmodel van beide partijen totaal verschillend en zeker niet 1 op 1 vergelijkbaar. Kortom, appels en peren; de huisarts is domeinhouder waar het een ziekte of aandoening betreft en het is de bedrijfsarts die arbeidsgeschiktheid exclusief in portefeuille heeft. Niemand anders.

Werknemers meer betrekken bij arbodienstverlening

Mag een bedrijfsarts bepaalde taken bij anderen neerleggen? Jazeker, onder bepaalde voorwaarden is dat toegestaan en de Autoriteit Persoonsgegevens is een van de toezichthouders die ervoor zorgdraagt dat dit netjes en conform de regels gebeurt. Maar er zijn ook andere manieren waarop een werknemer zich kan verzekeren dat de verzuimbegeleiding en re-integratie conform de spelregels wordt geleverd. Werknemers zullen in de toekomst nog actiever, meer en beter betrokken  zijn bij de wijze waarop een arbodienst haar diensten levert. Met een meer volwassen werknemersattitude wordt meer dan alleen de prijs vooraf beter geborgd.

Ook is het belangrijk dat er andere en buiten de arbodienst gelegen instanties zijn waar individuele werknemers terecht kunnen voor vragen en klachten. Zo kan een casemanager Taakdelegatie via de beroepsvereniging RSC bijvoorbeeld door individuele werknemers en bedrijfsartsen op de wijze van werken worden aangesproken. De klachten worden vanuit de faculteit Taakdelegatie door een onafhankelijke commissie behandeld en in het ergste geval wordt de inschrijving van de betreffende register casemanager doorgehaald. Dit beschermt niet alleen werknemers tegen cowboy-gedrag door inmenging in hun medisch dossier, maar ook werkgevers, bedrijfsartsen en andere professionals die bij de begeleiding van het verzuim betrokken zijn.

Ik schreef net over een meer volwassen gedrag van werknemers om de dienstverlening beter te borgen. Maar ik verwacht ook dat werkgevers in de nabije toekomst voor de verzuimbegeleiding, re-integratie en werkbeleving meer zullen openstaan voor samenwerkingsmodellen met werknemersvertegenwoordigers.

Toezicht door neutrale derde

Een model waarin dit zou kunnen gebeuren is een soort van eigen, buiten de organisatie gepositioneerde, arbodienst waarvan werkgever en werknemers gezamenlijk eigenaar zijn. Maar waarbij het toezicht bewust aan een neutrale derde partij wordt overgedragen. Onafhankelijke stafartsen zien er op toe dat iedereen in de uitvoering de vakjes binnen de wettelijke kaders kleurt en werkgever en werknemers kunnen vooraf gezamenlijk invulling geven aan het type dienstverlening dat het beste bij hun organisatie en cultuur past.

Een ander voordeel is dat de geldstromen ‘eigen’ blijven en dus wordt het nare gevoel weggenomen dat de portemonnee voor de uiterst kostbare verzuimportefeuille blind aan een externe arbodienst gegeven moet worden. Immers, door de nieuwe privacy wetgeving worden nota’s voor dienstverlening ‘blind’ betaald, anders weet de werkgever welke therapie een werknemer hoe lang en hoe vaak bij welke therapeut volgt. En dat is anno 2020 niet helemaal de bedoeling, toch?

In een volgende blog zal ik wat dieper ingaan op hoe je die ‘eigen arbodienst’ eruit kunt laten zien. Ook zal ik dan proberen wat handvatten te geven waarmee de onterechte en voor werknemers soms gevaarlijke Bonanza-visie van het expliciete voorbehoud van taakdelegatie aan de BIG- geregistreerde praktijkondersteuner kan worden ontkracht.

Voor nu bedankt voor je tijd en energie om je te verdiepen in deze taaie materie. Fijne dag/avond en tot een volgende keer,

Herwin Schrijver

Blog: Bonanza in het Arbo Wilde Westen